Wado Karate

Wado is een Japanse Karatestijl ontwikkeld door Hironori Ohtsuka. De stijl vindt zijn oorsprong in een combinatie van het Japanse Bujutsu (Jujutsu en Kenjutsu) met de stoot- en traptechnieken uit het Okinawaans Karate.

De technieken van Wado worden gekenmerkt door ontspannen, natuurlijk bewegen, flexibiliteit en interactie met de tegenstander. Zo ligt er veel nadruk op de eigen lichaamshouding en –positie, het verplaatsen van het lichaam en het verstoren van de balans van de tegenstander. Kenmerkend zijn technieken waarbij een aanval op een vloeiende manier ontweken wordt en gelijktijdig een effectieve tegenaanval wordt uitgevoerd. Overbodige bewegingen zonder toegevoegde waarde worden achterwege gelaten; met een minimale inspanning wordt een maximaal resultaat bereikt.

Door haar oorsprong kent Wado in tegenstelling tot veel andere Karatestijlen ook worpen en klemmen, verdedigingen tegen wapens en oefenvormen vanuit een geknielde positie. Naast de basistraining (kihon) en combinaties daarvan (renrakuwaza) is er aandacht voor de fysieke ontwikkeling van het lichaam (uithoudingsvermogen, kracht en lenigheid). Verder zijn er in Wado veel oefenvormen voor tweetallen (kumite). Bij In de Toelast worden onder meer de volgende vormen beoefend:
– Ippon Kumite: verschillende verdedigingen tegen een enkelvoudige aanval
– Sanbon Kumite: verschillende verdedigingen tegen een drievoudige aanval
– Ohyo Kumite: 8 oefenvormen die wat dichter bij het vrije gevecht liggen
– Kihon kumite: 10 vormen waarin belangrijke basisprincipes van Wado geoefend worden
– Kumite Gata: 36 vormen waarin meer geavanceerde principes worden geoefend
– Idori: verdedigingen vanuit een geknielde positie
– Tanto dori: verdedigingen tegen aanvallen met een mes
– Tachi dori: verdedigingen tegen aanvallen met een zwaard
– Jiyu Kumite: vrij vechten

Ook is er aandacht voor Kata als vorm om de bewegingen en principes uit het Wado Karate vanuit een andere invalshoek te oefenen. Accent in de training ligt op de 10 basis Kata (Kihon-no-kata, de 5 Pinan Kata, Kushanku, Naihanchi, Seishan en Chinto). Hiernaast zijn er zes hogere Kata: Bassai, Wanshu, Niseishi, Jion, Jitte en Rohai.

De naam Wado betekent ‘weg van vrede en harmonie’. Dit geeft aan dat in deze stijl niet alleen fysieke vechten belangrijk is, maar evenzeer de persoonlijke ontwikkeling van de beoefenaar op basis van een leerproces waarin onder andere respect, discipline, concentratie en geduld naar voren komen evenals evenwicht tussen lichaam en geest.